Het kabinet werkt aan een subsidieregeling waarmee mensen met een laag tot middeninkomen financieel geholpen worden bij de aanschaf van een tweedehands elektrische auto. Voorwaarde is dat de oude, vervuilende brandstofauto wordt ingeruild en gesloopt bij een RDW-erkend bedrijf. Voor de regeling is ruim 50 miljoen euro gereserveerd, als onderdeel van een breder pakket om de gevolgen van de hoge energieprijzen, veroorzaakt door de oorlog in het Midden-Oosten, te verzachten.
Bedragen en voorwaarden
In het eerste jaar geldt een subsidie van €6000,- euro voor aanvragers met een verzamelinkomen tussen €12.500,- en €27.533,- euro. Bij een inkomen tussen €27.534,- en €35.793,- euro bedraagt de subsidie €4000,- euro. Bedragen voor latere jaren volgen nog.
Om in aanmerking te komen moet de in te ruilen auto minimaal een jaar op naam van de aanvrager staan en een emissieklasse van 0 tot en met 4 hebben. De nieuw aan te schaffen elektrische auto moet een oorspronkelijke catalogusprijs hebben tussen €12.000,- en €60.000,- euro. Ook private lease van een tweedehands elektrische auto valt onder de regeling, mits het leasecontract onder het Keurmerk Private Lease valt.
Staatssecretaris Annet Bertram (Infrastructuur en Waterstaat) benadrukt dat het kabinet ook mensen met een kleine portemonnee de overstap naar elektrisch rijden wil laten maken.

Uitvoerder ROV ziet risico’s
Uitvoeringsorganisatie RVO, die de regeling samen met de Belastingdienst en de RDW moet uitvoeren, waarschuwt in een haalbaarheidsstudie voor meerdere risico’s. Het grootste probleem: de toets gebeurt op individueel inkomen, niet op huishoudinkomen, technisch is dat laatste niet uitvoerbaar omdat er geen eenduidige definitie van huishoudinkomen bestaat. Daardoor kan geld ook terechtkomen bij huishoudens met een relatief hoog gezamenlijk inkomen, bijvoorbeeld wanneer één partner wel binnen de inkomensgrens valt en de ander niet.
Bertram erkent deze risico’s in een Kamerbrief, maar noemt ze voor haar ministerie acceptabel. Volgens een woordvoerder is het risico op fraude door ingebouwde maatregelen ingeschat als laag, wat de regeling volgens hem uitvoerbaar maakt.
De RVO wijst daarnaast op een gebrek aan ervaring met inkomenstoetsing en de doelgroep, wat tot hogere uitvoeringskosten kan leiden. Voor de regeling moeten RVO, RDW en Belastingdienst gegevens kunnen uitwisselen via nieuwe ICT-koppelingen, vooral bij de kampende Belastingdienst is het de vraag of dit op tijd lukt, terwijl dit wel nodig is om de verwachte 10.000 aanvragen per jaar te verwerken.
Sommige geïnteresseerden vrezen wel voor eventuele bijkomende kosten: elektrische auto’s zijn relatief duur in aanschaf, de wegenbelasting kan oplopen, en laadinfrastructuur vraagt een extra investering. Dat roept de vraag op of lagere inkomens uiteindelijk echt profiteren.
De exacte openingsdatum en definitieve voorwaarden van de regeling worden later dit jaar bekendgemaakt